delta

Delta Lloyd: aandeelhoudersvergadering gaat door

Het bestuur van Delta Lloyd is voornemens haar kapitaal te versterken door rechten tot het nemen van aandelen uit te geven (een zogenaamde claimemissie). Op 16 maart 2016 zal de aandeelhoudersvergadering van Delta Lloyd hierover een besluit nemen.

Grootaandeelhouders Highfields en Futon vrezen dat hun winstrechten door de claimemissie verwateren, en probeerden de besluitvorming op de aandeelhoudersvergadering te verhinderen door de kwestie aan de Ondernemingskamer voor te leggen.

De Ondernemingskamer beoordeelde vervolgens of er voldoende zwaarwegende redenen zijn om de besluitvorming op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 over de claimemissie tegen te houden.

Casus:

Op Nederlandse verzekeraars zijn allerlei wettelijke regels van toepassing. Sommige van die regels zijn bedoeld om de financiële en bedrijfseconomische degelijkheid van verzekeraars te bevorderen. De Nederlandsche Bank (DNB) ziet erop toe dat die regels worden nageleefd (het zogenaamde prudentieel toezicht). Een verzekeraar werkt in dat verband vaak samen en overlegt met DNB.

Het bestuur van verzekeraar Delta Lloyd heeft in februari 2016 – in samenspraak met DNB – het voornemen opgevat om haar eigen vermogen te versterken door rechten tot het nemen van aandelen uit te geven (een claimemissie) voor een bedrag van in totaal 650 miljoen euro. Hiervoor zou Delta Lloyd door DNB beloond worden, door haar een korting te verlenen op de kapitaaleisen die Delta Lloyd moet hanteren. Dat levert Delta Lloyd veel geld op.

Het bestuur van Delta Lloyd plande vervolgens een buitengewone aandeelhoudersvergadering, waarop alle zittende aandeelhouders van Delta Lloyd konden stemmen over de claimemissie – de aandeelhoudersvergadering moet daarvoor immers haar goedkeuring geven. De aandeelhoudersvergadering werd op 16 maart 2016 gepland.

Indien de claimemissie doorgang vindt, zal dat leiden tot een winstverwatering van de zittende aandeelhouders van Delta Lloyd.  Twee grote aandeelhouders van Delta Lloyd (samen goed voor ongeveer 17 procent van de aandelen in Delta Lloyd, en daardoor enquêtegerechtigd), het Amerikaanse investeringsfonds Highfields Capital Management en het Taiwanese financiële conglomeraat Futon, probeerden daarom de stemming over de claimemissie tegen te houden. Eén van hen diende daartoe een verzoekschrift in bij de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam.

Highfields en Futon stelden zich op het standpunt dat Delta Lloyd onvoldoende informatie over de claimemissie had verstrekt, die voor de zittende aandeelhouders zeer nadelig zou zijn. Zij meenden dat door het gebrek aan informatie er geen sprake kon zijn van een zorgvuldige besluitvorming op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016, en dat er daarom op een volgende aandeelhoudersvergadering in mei 2016 moest worden beslist over de claimemissie. Verder vonden de twee grootaandeelhouders dat de claimemissie onnodig was. Zij vonden dat dit alles voldoende zwaarwegende redenen opleverden om de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 over de claimemissie tegen te houden. Zij verzochten de Ondernemingskamer dan ook een onmiddellijke voorziening te treffen waardoor die aandeelhoudersvergadering zou worden tegengehouden.

DNB en de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) waren het niet met Highfields en Futon eens omdat zij de claimemissie noodzakelijk achtten. DNB schreef daarom een steunbetuiging aan de bestuursvoorzitter van Delta Lloyd. De VEB betuigde eveneens haar steun, in een brief aan het bestuur en de raad van commissarissen van Delta Lloyd.

De behandeling van het verzoek vond plaats op maandag 14 maart 2016. Voorafgaand aan de behandeling kondigde de Ondernemingskamer al aan dat zijn nog dezelfde dag uitspraak zou doen.

Uitspraak:

De Ondernemingskamer oordeelt in haar uitspraak van 14 maart 2016 dat de aandeelhoudersvergadering moet beslissen over de vraag of en zo ja, in welke mate de claimemissie noodzakelijk is. Het is niet aan de Ondernemingskamer om daarover te beslissen.

De informatievoorziening over de claimemissie aan de aandeelhouders door Delta Lloyd is naar het oordeel van de Ondernemingskamer niet gebrekkig geweest, zowel niet ten aanzien van de inhoud als van de timing daarvan. Immers, op 24 februari 2016 heeft Delta Lloyd de jaarstukken over 2015, de ‘FY 2015 results and capital plan update’ en een persbericht gepubliceerd. De aandeelhouders hebben daardoor voldoende tijd gekregen om hun standpunt te bepalen. De Ondernemingskamer acht het weliswaar denkbaar dat meer relevante informatie kon worden verstrekt, maar is van mening dat niet gezegd kan worden dat de wel verschafte informatie zo gebrekkig is dat de aandeelhouders zich op basis daarvan geen oordeel kunnen vormen.

De Ondernemingskamer betrekt in haar oordeel het feit dat Highwfield en Futon blijkbaar zelf in staat waren om op basis van de beschikbare informatie te oordelen dat de claimemissie geen doorgang zou moeten vinden.

Indien individuele aandeelhouders desalniettemin van mening zijn dat zij over te weinig informatie beschikken om hun standpunt te bepalen omtrent de claimemissie, dan hebben zij de mogelijkheid om op de aandeelhoudersvergadering nadere vragen te stellen en daarover in discussie te gaan. Het bestuur van Delta Lloyd kan tijdens die vergadering uit eigen beweging en naar aanleiding van eventuele vragen van aandeelhouders het voorstel tot de claimemissie nader toelichten. Als een aandeelhouder zich dan nog steeds onvoldoende geïnformeerd acht, kan hij altijd nog tegen het emissiebesluit stemmen.

Volgens de Ondernemingskamer zijn er op grond van het voorgaande onvoldoende zwaarwegende redenen om de besluitvorming op de aandeelhoudersvergadering van 16 maart 2016 over de claimemissie tegen te houden.

Lorentz Bults is advocaat ondernemingsrecht en goed thuis in het faillissementsrecht. Voor vragen omtrent de het bestuursverbod kunt u rechtstreeks met hem contact opnemen op 020 – 723 1736 of via bults@pactadvocaten.nl.

Foto: Flickr/Franklin Heijnen